<?xml version="1.0"?>
<feed xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom" xml:lang="nl">
	<id>https://wikitest.nl/index.php?action=history&amp;feed=atom&amp;title=Frankische_verovering_van_de_Nederlanden</id>
	<title>Frankische verovering van de Nederlanden - Bewerkingsoverzicht</title>
	<link rel="self" type="application/atom+xml" href="https://wikitest.nl/index.php?action=history&amp;feed=atom&amp;title=Frankische_verovering_van_de_Nederlanden"/>
	<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wikitest.nl/index.php?title=Frankische_verovering_van_de_Nederlanden&amp;action=history"/>
	<updated>2026-06-30T12:42:53Z</updated>
	<subtitle>Bewerkingsoverzicht voor deze pagina op de wiki</subtitle>
	<generator>MediaWiki 1.43.6</generator>
	<entry>
		<id>https://wikitest.nl/index.php?title=Frankische_verovering_van_de_Nederlanden&amp;diff=37238&amp;oldid=prev</id>
		<title>Colani: 1 versie geïmporteerd</title>
		<link rel="alternate" type="text/html" href="https://wikitest.nl/index.php?title=Frankische_verovering_van_de_Nederlanden&amp;diff=37238&amp;oldid=prev"/>
		<updated>2023-10-08T13:51:38Z</updated>

		<summary type="html">&lt;p&gt;1 versie geïmporteerd&lt;/p&gt;
&lt;p&gt;&lt;b&gt;Nieuwe pagina&lt;/b&gt;&lt;/p&gt;&lt;div&gt;De &amp;#039;&amp;#039;&amp;#039;Frankische verovering van de Nederlanden&amp;#039;&amp;#039;&amp;#039; begon met het oversteken van de Rijn door [[Franken (volk)|Franken]] die het [[Romeinse Rijk]] binnendrongen. Tegen de 7e eeuw hadden zij zich tot in het zuiden verspreid en definitief hun [[Frankische Rijk]] gevestigd.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Beginsituatie ==&lt;br /&gt;
Aan het einde van de eerste eeuw v.Chr. hadden de [[Bataven]] zich gevestigd op de eilanden en broeken aan de mondingen van de Rijn, terwijl Schelde- en Maasbekken werden ingenomen door de [[Morienen]] in Vlaanderen (die eind 4e eeuw nog heidens waren{{sfn|Pirenne|1902|p=7}}), de [[Menapiërs]] en [[Nerviërs]] in Brabant en Henegouwen, de [[Eburonen]] in  het huidige [[Kempen (streek)|Kempen]] en Limburg, de [[Aduatieken]], [[Condruzen]], [[Cerezen]], [[Pemanen]] en [[Trevieren]] in de Ardennen.{{sfn|Pirenne|1902|p=3}} Tijdens de [[Gallische Oorlog]] (58 – 51 v.Chr.) werd het gebied ten zuiden van de [[Rijn]] door de [[Romeinse Republiek]] veroverd en geannexeerd als de [[Romeinse provincie]] &amp;#039;&amp;#039;[[Gallia Belgica]]&amp;#039;&amp;#039;, waarvan in 90 n.Chr. [[Germania Inferior]] en [[Germania Superior]] werden afgesplitst. Het is niet helemaal duidelijk tot welke taalfamilies de stammen in dit &amp;#039;&amp;#039;Belgica&amp;#039;&amp;#039; behoorden; het merendeel was volgens de Romeinen [[Keltische talen|Keltisch]], maar sommigen [[Germaanse talen|Germaans]] (de zogeheten &amp;#039;&amp;#039;[[Germani cisrhenani]]&amp;#039;&amp;#039;).{{sfn|Pirenne|1902|p=3}} De Romeinse overheersing zou stammen van beide taalgroepen blootstellen aan verregaande [[romanisering]],{{sfn|Pirenne|1902|p=3}} met name door de komst van het [[christendom]], dat pas vanaf het midden van de 4e eeuw met zekerheid in de [[Lage Landen]] kan worden aangetroffen door de stichting van het [[bisdom Tongeren]].{{sfn|Pirenne|1902|p=6–7}}&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Bestand:Germanic Groups ca. 0CE.jpg|thumb|Verspreiding van de vijf Germaanse hoofdgroepen in de 1e eeuw na Chr.]]&lt;br /&gt;
De [[germanisering]] van de Lage Landen heeft zich volgens [[Henri Pirenne]] (1902) waarschijnlijk reeds voor de 3e eeuw langzaamaan ingezet, toen veel Germanen de Rijn overstaken om dienst te nemen in de grenslegioenen of zich als landbouwers vestigden.{{sfn|Pirenne|1902|p=8}}&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Salische en Ripuarische Franken ==&lt;br /&gt;
Vanuit het oosten waren al tijdens de [[Crisis van de derde eeuw]] (235-284) Germaanse stammen de Rijn overgestoken. Dit waren de [[Salische Franken]] en de [[Ripuariërs]]. De Ripuariërs (van &amp;#039;ripa&amp;#039;, &amp;quot;rivieroever&amp;quot; in het Latijn) bevolkten aanvankelijk met toelating van de Romeinen de linkeroevers van de Rijn, waar zij als een buffer tegen andere Germaanse stammen dienden. De Salische Franken sloten in 358 een verbond met de Romeinen, en mochten zich als [[foederati]] in de noordelijkste gebieden van [[Gallia Belgica]] tussen Rijn en Waal vestigen. Zij vormden aldus voor de Keltoromanen een buffer tegen de noordelijke Friezen. De meeste Kelten gingen reeds vroeg in de Romeinse periode zich zuidelijker in de Lage Landen vestigen, toen het noorden van Gallië voortdurend door de oorlogen werd geteisterd en de landbouw en de [[oppidum|Keltische vestigingsplaatsen]] er grotendeels vernield raakten. Zij hadden zich veilig teruggetrokken achter het &amp;#039;&amp;#039;[[Kolenwoud|Carbonaria silva]]&amp;#039;&amp;#039; terwijl hun gebied in het oosten door het Ardeense woud van de Germanen werd gescheiden.{{Bron?|Dit zou zich al &amp;quot;vroeg in de Romeinse periode&amp;quot; hebben afgespeeld? Volgens wie? De 1e en 2e eeuw zijn juist de bloeitijd van de steden en villabedrijven in Zuid-Limburg en de Haspengouw. Ten noorden van de Ardennen dus.|2022|03|06}}&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Ontvolking van de zuidelijke Nederlanden ==&lt;br /&gt;
In de derde eeuw trof men weerskanten van de [[Via Belgica]] een [[Gallo-Romeinse periode|geromaniseerde Keltische bevolking]] aan met dezelfde taal en zeden. Tijdens de [[crisis van de derde eeuw]] ontstond van 260 tot 274 het [[Gallische keizerrijk]]. Met veel moeite kon keizer [[Aurelianus]] het Romeinse gezag herstellen, &amp;#039;&amp;#039;Restitutor Orbis&amp;#039;&amp;#039;. Niettemin trokken horden [[Franken (volk)|Franken]] en [[Alemannen]] de provinciën binnen. Langs de zee trokken Franken en [[Saksen (volk)|Saksen]] op strooptocht in het gebied van Morienen en Menapiërs en begonnen ze zich daar te vestigen. Dichte groepen Germanen kwamen zich daarna aan de kust vestigen, wat in de Vlaamse [[Gewest (Lage Landen)|gewesten]] met de ontvolking van Keltoromanen gepaard ging. [[Carausius]], die het toezicht had op de regio, werd beticht van hand-en-spandiensten. Hij [[Carausiaanse opstand|kwam in opstand]] en riep zichzelf tot keizer uit (286-293). De [[Salische Franken]] maakten zich meester van het eiland der Bataven en bedreigden de Nederlanden ten zuiden van de Rijn, zoals de [[Ripuariërs]] ze langs het oosten bedreigden. Keizer [[Diocletianus]] hervormde omstreeks 290 het rijk en de Lage Landen werden deel van de [[pretoriaanse prefectuur van Gallië]] en het [[Romeins diocees]] [[Gallië]].&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
Begin vierde eeuw was de Rijnbocht tussen Keulen en de Noordzee onophoudelijk het strijdperk tussen Franken en Romeinen geworden. De streek ten noorden van de [[Ardennen]] en [[Graafschap Henegouwen|Henegouwen]] werd in een desolaat landschap herschapen. Toen in 358 keizer [[Julianus Apostata]] de [[Salische Franken]] overwon, stond deze hen toe zich als &amp;#039;&amp;#039;[[foederati]]&amp;#039;&amp;#039; in het onvruchtbare en verlaten [[Toxandrië]] te vestigen.{{Bron?|Heel hoofdstuk zonder één enkele literatuurverwijzing, terwijl bij vrijwel elke zin vraagtekens kunnen worden gezet.|2022|03|06}}&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Franken, Friezen en Saksen ==&lt;br /&gt;
In het hoge noorden van de Lage Landen hadden zich heel vroeg reeds de [[Friezen]] en [[Saksen (volk)|Saksen]] gevestigd, twee verzamelnamen van volksstammen die meestal samen worden genoemd. De Romeinen spreken van Frisii majores en minores, van [[Frisii]] en [[Frisiavones]]. Deze Friezen maakten deel uit van de [[Noordzeegermanen]] ([[Ingvaeones]]) en zouden voornamelijk van over zee uit Denemarken afkomstig zijn, die geleidelijk langsheen de ganse westkust van de Lage Landen doordrongen. De drie volken samen, Friezen, Saksen en Franken, maakten in de noordelijke Lage Landen het gros van de bevolking uit,&amp;lt;ref&amp;gt;P.J. Blok: p. 63&amp;lt;/ref&amp;gt; terwijl in Vlaanderen en Brabant de Germanen zich met Kelten vermengden en de voormalige concentratie Kelten zich voornamelijk in het zuiden bevond, in de Ardennen waren dat de Belgoromanen.&amp;lt;ref&amp;gt;H. Pirenne: pp. 8, 10-12, 14 .&amp;lt;/ref&amp;gt;&lt;br /&gt;
[[Bestand:De Franken tussen 400 en 440 nl.svg|thumb|De Franken tussen 400 en 440. Het grijze gebied duidt het oude Gallië aan, de gekleurde zones geven de expansieneiging van beide volken aan.]]&lt;br /&gt;
[[Bestand:Les Francs en Belgique romaine.svg|thumb|Lokalisering van de Ripuarische Franken in de tweede helft van de 5e eeuw (post-Romeins en pre-Merovingisch) waarna de Franken hun gebied naar het zuiden uitbreidden]]&lt;br /&gt;
Nadat de Salische Franken zich in de brede verlaten laagvlakte van Toxandrië hadden gevestigd begonnen zij zich daar vrij snel uit te breiden en volgde een expansie naar het zuiden langsheen de Schelde. In oostelijke richting werd de opgang van de Saliërs gestuit vanwege het Kolenwoud, dat hen scheidde van de Keltoromanen in het zuiden van het huidige België, die al eeuwen een Romaanse taal waren gaan spreken en door de Franken &amp;#039;&amp;#039;Wala&amp;#039;&amp;#039; genoemd werden (waarvan de moderne benaming [[Walen]] afgeleid is). De Franken vestigden zich nauwelijks aan de linkeroevers van de Schelde, omdat zich ook daar van Sint-Niklaas tot Torhout een ondoordringbaar woud uitstrekte, ten westen waarvan de Friezen steeds meer het gebied van de Menapiërs en Morienen bevolkten en zich met deze stammen mengden. Maar de Saliërs drongen wel langs de verlaten beemden van de Menapiërs door in de vallei van de [[Leie (rivier)|Leie]] en Schelde. De weinige [[Belgoromanen|Belgoromaanse]] boeren die daar nog verbleven werden tot slavernij gebracht of omgebracht.&amp;lt;ref&amp;gt;plaatsen in Vlaanderen waar aanvankelijk een Frankische stamvader zich vestigde onderscheiden zich door diens naam met het achtervoegsel &amp;#039;&amp;#039;-ingem&amp;#039;&amp;#039;. (Pirenne p. 12)&amp;lt;/ref&amp;gt;&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
De Ripuarische Franken van hun kant drongen niet verder dan de vlakten van [[Haspengouw]] en lieten de Ardennen links liggen. In het westen werden de Ripuariërs gestuit door de moerassen van de Kempen, waarachter het gebied van de Saliërs begon. Ook de horden [[Alemannen]], die het [[Eifel]]er heideland doortrokken, kwamen daar voor een muur van wouden te staan.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Terugdringing van de Romeinse noordergrens ==&lt;br /&gt;
Toen de Salische Franken zover naar het zuiden waren doorgedrongen, dat zij bij [[Tornacum]] (Doornik) op de Romeinse troepenmacht stuitten, moest het onvermijdelijk weer tot oorlog komen. In 431 bemachtigden zij daarbij onder koning [[Chlodio]] de stad, (terwijl in het oosten de Ripuariërs de Maas overstaken). In 440 stichtten ze een koninkrijk met als centrum Doornik door met geweld de bovenvalleien van de Leie en de [[pagus (Romeins)|gouwen]] benoorden de Somme te veroveren, terwijl andere koningen [[Cameracum]] (Kamerijk) en de latere steden [[Atrecht]] en [[Térouanne]] innamen. In [[Boulogne-sur-Mer|Boulogne]], waar de bevolking al lang door de zeerovers geteisterd was, vestigden zij zich in groten getale tot aan de [[Kwinte]] en hun taal verdrong er het Romaans. In het noordoosten, in de Somme-vallei en in de omstreken van Kamerijk, Doornijk en Atrecht vermengden zij zich vervolgens onder de dichte bevolking van de oorspronkelijke Keltoromaanse bevolking die daar een te aanzienlijke meerderheid voor hen vormde. Omdat er geen massamigratie op gang kwam raakten deze Frankische pioniers mettertijd van hun hoofdgroep afgesneden, ondergingen de invloed van de reeds hoog gevorderde Romaanse cultuur en namen er ook die taal van aan, zoals het de [[Bourgondiërs|Bourgondische]] en [[West-Gothen|West-Gotische]] nederzettingen in het zuiden van [[Gallië]] verging.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Terugdringing van het christendom ==&lt;br /&gt;
[[Bestand:Reame di Siagrio (486) nl.svg|thumb|Machtsgebied van Syagrius. (De omvang is onzeker).]]&lt;br /&gt;
Nadat in de 5e eeuw de Romeinse legers zich uit de Lage Landen naar het zuiden hadden teruggetrokken, wist [[Syagrius]] nog enige tijd (476-486) een autonome [[Gallo-Romeinse Rijk|Gallo-Romeinse staat]] tussen de [[Loire (rivier)|Loire]] en de [[Somme (rivier)|Somme]] in stand te houden, met een hoge concentratie aan Keltoromanen of geromaniseerde [[Keltische stammen]] van weleer. De door oorlog geteisterde gebieden van het noorden van de Nederlanden waren door de daar geromaniseerde Keltische bevolking verlaten en met hen verdween er ook het christendom naar het zuiden.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
== Vestiging van het Frankisch Rijk ==&lt;br /&gt;
De Franken erkenden een tijdlang de rivier de Somme als zuidelijke grens van hun grondgebied. Onder [[Clovis I|Clovis]] vond een uitbreiding naar het zuiden plaats. In een reeks veldslagen versloeg hij het restant van het Romeinse leger in Gallië en breidde het Frankische rijk uit tot aan de Loire. Na een periode van hevige strijd vestigden de Salische Franken zich in dit gebied en mengden er zich met de daar al sinds de Romeinse tijd gekerstende bevolking. De christelijke Kerk had er zich reeds gestructureerd in [[bisdom]]men en [[Romeins diocees|diocesen]] die overeenkwamen met de voormalige [[Civitas|civitates]] (de oude Keltische [[pagus (Romeins)|gouwen]]), die werden geleid door [[bisschop]]pen, bijgestaan door hun priesters die de diocesen voor hun rekening namen. De verfijning van hun cultuur stond in schril contrast met de ruwheid van de oorlogszuchtige Franken, al hadden die intussen met geweld hun gebied zelfs tot over de Rijn uitgebreid terwijl ze in het noorden intussen hevig tegen de Saksen tekeer gingen. Maar de belangen van de ene cultuur vulde de andere wel aan, in die zin, dat de op Romeinse leest geschoeide organisatie van het gekerstende land, met bisschoppen aan het hoofd van meerdere diocesen, voor een relatieve staatkundige orde zorgde, terwijl die bisschoppen van hun kant geen eigen verdedigingstroepen hadden om het land te beschermen.&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Clovis I|Clovis]] heerste al spoedig in plaats van over enkele gouwen in Noord-Gallië, zoals zijn vader, over een rijk dat zich van Bretagne tot Wezer en Lech, van de oevers van Loire, Rhône en Donau tot de monden van de Rijn uitstrekte. Van het Oud-Gallische Parijs maakte hij zijn hoofdstad. Toen dan [[Chrodichildis]] (Clotildis), de vrouw van deze Frankische koning, zich tot dat [[christendom]] bekeerde en haar echtgenoot dit voorbeeld in 496 volgde, samen met de hele Frankische adel, betekende dit een wissel op de toekomst van beide culturen die gaandeweg met elkaar versmolten. Toen Clovis het christendom tot staatsgodsdienst van zijn grote rijk had uitgeroepen duurde het nog lange tijd eer de bevolking zich ertoe liet overhalen. Daar was heel wat missioneringswerk voor nodig, zoals dat van [[Sint-Amandus]], die een [[beeldenstorm]] organiseerde waarbij de heidense goden ([[Interpretatio Romana|door de Romeinen]] Neptunus, Diana, Jupiter en Minerva genoemd) werden omvergesmeten.{{Bron?||2016|10|11}}&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
In de tijd toen de Franken zich zuidwaarts hadden gekeerd, ook al omdat er interne conflicten waren ontstaan tussen hun westelijke ([[Neustrië]]) en oostelijke ([[Austrasië]]) rijksdelen, was hun aandacht voor de Friezen verslapt. In [[Traiectum (Utrecht)]], dat al in de 4e eeuw een Romeinse vesting was en in de 7e eeuw het noordelijkste punt van het Frankische Rijk, werd een tijdens de koningen (595-623) Chlotachar II en Theodebert II gevestigd [[Sint-Maartenskerk (Traiectum)|kerkje aan Sint-Maarten gewijd]], dat er inmiddels verwaarloosd bij stond, opnieuw opgebouwd nu het christendom zich in de 7e eeuw samen met de Frankische macht weer noordwaarts begaf. [[Dagobert I]] stond het omstreeks 630 af aan de bisschop van Keulen, waar sedert begin 6e eeuw de nieuwe godsdienst gezegevierd had. Het werd de uitvalsbasis van [[Willibrord]], die ervoor zorgde dat het christendom zich opnieuw naar het noorden uitbreidde. Uiteindelijk werden na de Friezen ook de Saksen tot het nieuwe geloof gedwongen{{Bron?||2016|10|11}} onder de [[Saksenoorlogen]] van [[Karel de Grote]].&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
{{Appendix|2=&lt;br /&gt;
&amp;#039;&amp;#039;&amp;#039;Noten&amp;#039;&amp;#039;&amp;#039;&lt;br /&gt;
{{References}}&lt;br /&gt;
&amp;#039;&amp;#039;&amp;#039;[[Historische bron]]nen&amp;#039;&amp;#039;&amp;#039;&lt;br /&gt;
* {{aut|[[P.J. Blok]]}}, (1923): &amp;#039;&amp;#039;Geschiedenis van het Nederlandsche volk&amp;#039;&amp;#039; Boek II &amp;#039;&amp;#039;Het Frankische tijdperk&amp;#039;&amp;#039; Hoofdstuk I &amp;#039;&amp;#039;Franken, Saksen en Friezen&amp;#039;&amp;#039;, A.W. Sijthoff, Leiden [http://dbnl.nl/tekst/blok013gesc00_01/]&lt;br /&gt;
* {{aut|[[Henri Pirenne|Pirenne, Henri]]}}, (1902, 1908): [https://dbnl.nl/tekst/pire002gesc01_01/pire002gesc01_01_0003.php &amp;#039;&amp;#039;Geschiedenis van België&amp;#039;&amp;#039; Eerste boek &amp;#039;&amp;#039;De Nederlanden tot de XIIe eeuw&amp;#039;&amp;#039;, Hoofdstuk I &amp;#039;&amp;#039;Het Romeinsch en het Frankisch tijdvak&amp;#039;&amp;#039;], [[Digitale Bibliotheek voor de Nederlandse Letteren]], Samenwerkende Volksdrukkerĳ, Gent&lt;br /&gt;
}}&lt;br /&gt;
{{Commonscat|Low Countries}}&lt;br /&gt;
{{Navigatie geschiedenis van de Lage Landen}}&lt;br /&gt;
&lt;br /&gt;
[[Categorie:Geschiedenis van de Nederlanden in de oudheid]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Romeinse oudheid]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Geschiedenis van de Nederlanden in de middeleeuwen]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Grote volksverhuizingen]]&lt;br /&gt;
[[Categorie:Franken]]&lt;/div&gt;</summary>
		<author><name>Colani</name></author>
	</entry>
</feed>